- Locatie
AB zaal | Hensbeker, Poldermolen 2 te Houten
- Voorzitter
- De heer J.C.H. Haan
- Toelichting
-
Het is mogelijk om de vergadering live bij te wonen. In verband met de beperkte capaciteit in onze AB-zaal vragen wij u zich vooraf aan te melden via [email protected] (uiterlijk 30 september om 12:00 uur).
- Agenda documenten
Uitzending
Agendapunten
-
1Opening, vaststelling agenda
-
2Besluitvormend deel (hamerstukken)
-
2.1
Een begrotingswijziging is het instrument van het algemeen bestuur om gedurende een jaar bijstellingen op de vastgestelde jaarbegroting door te kunnen voeren. Hiermee wordt de norm- en taakstellende functie van de begroting geborgd. Het college stelt tweemaal per jaar een bestuursrapportage (Burap) vast over de voortgang en afwijkingen van de in de begroting opgenomen uitgangspunten. De in de Burap vermelde afwijkingen en ontwikkelingen worden vervolgens vertaald in een door het algemeen bestuur vast te stellen begrotingswijziging. De hier nu voorliggende eerste begrotingswijziging voldoet aan de hiervoor geldende criteria (rechtmatigheid, uitwerking besluiten van het algemeen bestuur en transparantie). Deze criteria zijn opgesteld in overleg met de commissie BMZ (nu Financiën en Algemene Zaken). De bijstellingen op de exploitatie en op de investeringsbegroting vloeien voort uit de eerste Burap van 2026, die gaat over de eerste vier maanden van het jaar.
Vanaf 2025 stelt het college de rechtmatigheidsverantwoording op. In het kader daarvan geldt als onderdeel van de begrotingswijzing het volgende: de gehele prognose wordt vermeld en alleen afwijkingen in de prognose ten opzichte van de begroting die zich met een grote mate van zekerheid zullen voordoen, worden voorgesteld als begrotingswijziging. Hierdoor wijkt het saldo van de prognose in het eerste tertaal (T1) af van de begroting na begrotingswijziging T1. In Burap’s van eerdere jaren werden alleen die begrotingswijzigingen opgenomen en niet de gehele prognose. De prognose is toegevoegd aan de tabellen in deze rapportage. Hiermee voldoet HDSR aan artikel 10 van de verordening 108 Waterschapswet.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit:
De 1e begrotingswijziging 2026 vast te stellen, waarbij:
1a. Het verschil tussen de netto kosten en belastingopbrengsten een positief resultaat van € 1,583 miljoen oplevert, dat is opgebouwd uit de volgende elementen:
1. Een verlaging van de rentekosten met € 1,195 miljoen;
2. Een verlaging van de afschrijvingskosten met € 1,265 miljoen;
3. Een verhoging van de personeelskosten exploitatie met € 50.000;
4. Een verlaging van de personeelskosten investeringsprojecten met € 2,000 miljoen;
5. Een verhoging van de overige kosten met € 545.000;
6. Een verhoging van de bijdrage hoogwaterbeschermingsprogramma met € 300.000;
7. Een verhoging van de overige opbrengsten met € 300.000;
8. Een verlaging van de geactiveerde personeelslasten met € 2,350 miljoen;
9. Een verlaging van de geactiveerde rente met € 260.000;
10. Een verhoging van de onttrekking aan de bestemmingsreserves met € 58.000;
11. Een verhoging van de belastingopbrengsten watersysteemheffing met € 220.000;
12. Een verhoging van de belastingopbrengsten zuiveringsheffing met € 50.000. -
2.2
Sinds de vaststelling van het beleid voor cultuurhistorie ‘Omgaan met cultuurwaarden’ in 2006 is er veel veranderd. In 2006 richtte ons waterschap zich vooral op het behoud van en de restauratie van de eigen rijksmonumenten met een rol in het waterbeheer en op het vergroten van de zichtbaarheid daarvan. Anno 2026 is de scope veranderd. Tegenwoordig zien we watererfgoed breder, en rekenen we er ook landschappelijke structuren, archiefstukken, (kunst)voorwerpen, immaterieel erfgoed en constructies met publieke rol onder.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit:
1. de beleidsnota watererfgoed (bijlage A) DM 2094058 vast te stellen;
2. de beleidsnota ‘Omgaan met cultuurwaarden’ uit 2006 (bijlage B) DM459357 in te trekken. -
2.3
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft de ‘Handreiking (her)benoemingsprocedure en ambtstermijn voorzitter waterschap’ opgesteld. Deze handreiking biedt een geactualiseerd kader voor de inrichting van benoemings- en herbenoemingsprocedures en de toepassing van ambtstermijnen van waterschapsvoorzitters. In lijn met het advies van Ministerie van IenW en de Unie van Waterschappen wordt dit nu al vastgelegd, zodat het tijdig is geborgd.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit om de ‘Handreiking (her)benoemingsprocedure en ambtstermijn voorzitter waterschap’ (DM 2091536) integraal toe te passen bij toekomstige benoemings- en herbenoemingsprocedures van de voorzitter.
-
2.4
In een peilbesluit staat welk waterpeil het oppervlaktewater in een bepaald gebied heeft. Het waterschap heeft de inspanningsverplichting om dit peil te handhaven. Op grond van de Omgevingsverordening van de provincie Utrecht moet het waterschap ervoor zorgen dat peilbesluiten actueel zijn. Op 1 maart 2011 is het Watergebiedsplan Linschoterwaard vastgesteld, met vigerende peilbesluiten Wulverhorst (2011), Rapijnen (2011), Snelrewaard (2011) en Noord-Linschoten (2011).
De maatregelen uit het watergebiedsplan zijn (deels) uitgevoerd en daardoor is het watersysteem veranderd. Bij toetsing op actualiteit is gebleken dat de vigerende peilbesluiten op veel vlakken niet actueel zijn, waaronder de droogleggingsnormen en peilgebiedsindeling. Bovendien zijn sommige plannen uit het watergebiedsplan nooit uitgevoerd. Deze waren wel opgenomen in de peilbesluiten. Dit maakt herziening noodzakelijk.
Met het voorliggende ontwerpbesluit wordt de gehele Linschoterwaard geactualiseerd. In dit nieuwe peilbesluit Linschoterwaard zijn de vier deelgebieden samengevoegd tot één nieuw peilbesluit.
Het ontwerppeilbesluit Linschoterwaard heeft ter inzage gelegen van 20 april 2026 tot en met 31 mei 2026. In deze periode zijn drie zienswijzen ingediend.Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit:
1. Het inspraakrapport ontwerppeilbesluit Linschoterwaard (DM 2093357) vast te stellen;
2. Het peilbesluit Linschoterwaard (DM 2086381) en de bijbehorende toelichting (DM 2086351) en peilbesluitkaart (DM 2085630) vast te stellen. -
3Opiniërend deel
-
3.1
De dijk tussen Salmsteke - Schoonhoven (SAS) voldoet niet aan de geldende wettelijke veiligheidsnormen voor 2050. De dijk is daarom opgenomen in de programmering van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). In 2017 is de voorbereiding van het dijkversterkingsproject Sterke Lekdijk gestart. Het traject Salmsteke - Schoonhoven (SAS) is een van de deelprojecten van Sterke Lekdijk. Het deeltraject SAS nadert het einde van de planuitwerkingsfase.
Eind 2026 is voorzien dat de subsidieaanvraag voor de Realisatiefase wordt ingediend bij het HWBP en uitvoeringskrediet wordt aangevraagd bij het dagelijks bestuur vanuit het moederkrediet. Voor de werkvoorbereiding wordt eind september een eerste krediet aangevraagd bij het dagelijks bestuur.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit:
1. Voor de realisatiefase van dijkversterking Salmsteke- Schoonhoven (SAS) inclusief meekoppelkans en Grootonderhoudsplan (GOP) een financiële bandbreedte van € 78,937 miljoen en € 98,524 miljoen vast te stellen, waarbinnen het college bevoegd is een deelkrediet vrij te geven uit het moederkrediet Sterke Lekdijk en het moederkrediet Groot Onderhoudsplan Primaire Waterkeringen mits wordt voldaan aan de voorwaarden: het ontvangen van een transparante en marktconforme prijsaanbieding van de innovatiepartner en het zicht op het ontvangen van een subsidiebeschikking van het HWBP;
2. Het college mandaat te geven om vergroting van de bandbreedte te accorderen ten behoeve van het vrijgeven van deelkrediet uit het moederkrediet in de onderstaande drie situaties:
a. Bij het toevoegen van nu nog onzekere en onvoldoende uitgedetailleerde meekoppelkansen (ordegrootte € 4 miljoen), waarbij de kosten in principe vanuit de betrokken partners gedekt worden;
b. Het doorschuiven van de uitvoering met een jaar als gevolg van vertraging in met name de vergunningprocedures, de grondverwerving of het ramingsproces met het HWBP (ordegrootte € 3 miljoen). Begin 2026 is als kostenoptimalisatie een planningsversnelling van een jaar doorgevoerd (start uitvoering begin 2027 in plaats van begin 2028). Daarbij gold als kanttekening dat deze versnelling wel afhankelijk is van het verloop van de vergunningprocedures en de grondverwerving in 2026;
c. Een extreme prijsstijging als gevolg van exogene factoren, zoals onder andere de oorlog in Iran (ordegrootte € 3 miljoen). -
3.2
Gemaal Kamerik Teylingens en de vispassage Kamerik Teylingens zijn aan groot onderhoud toe. Dit onderhoud staat gepland voor 2027. De uitvoeringskosten worden gefinancierd uit het GOP Watersystemen (gemaal) en de moederkrediet KRW derde planperiode 2022-2027 (vispassage).
Beide objecten zijn gehuisvest op een unieke locatie. Op het terrein is namelijk ook het oude stoomgemaal Kamerik Teylingens en een voormalige scheepsvaartsluis aanwezig. De persleidingen van het gemaal zijn destijds in de voormalige sluiskolk aangebracht. Hierbij is de sluis gedempt en is voor de sluis een betonnen uitstroomwerk geplaatst met daarin de afsluiters en terugslagkleppen.
Dit is een natuurlijk moment om, gelijktijdig met de renovatie van het gemaal en de nieuwbouw van de vispassage, de gedempte sluis open te graven en qua aanzicht in te passen in het cultuurhistorisch plaatje. Om de sluis weer als zodanig herkenbaar en beleefbaar te maken is onder andere het herstel van het (zicht)metselwerk nodig, worden (niet functionerende) deuren in de sluis geplaatst en wordt de sluis voorzien van een leuningwerk.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit:
1. In te stemmen met het cultuurhistorisch herstel van sluis Kamerik Teylingens en hiervoor een uitvoeringskrediet van € 650.000 beschikbaar te stellen;
2. De al beschikbaar gestelde kredieten voor de renovatie van gemaal Kamerik Teylingens en de realisatie van vispassage Kamerik Teylingens samen te voegen en over te hevelen naar project 404401 ‘Renovatie Sluis Kamerik Teylingens’ ten behoeve van de integrale uitvoering van het project. -
3.3
Binnen het beheergebied van HDSR zijn 6 steunpunten van de afdeling Muskusrattenbeheer (hierna MRB) aanwezig. Voor één van die steunpunten, locatie Montfoort, geldt dat met ingang van 2026 een tijdelijk onderkomen wordt gehuurd aan de Zuidzijdseweg in Polsbroek. Deze locatie mist echter de voorzieningen voor langdurige huisvesting. Het waterschap verkent daarom de mogelijkheden voor een alternatieve locatie.
In de nabijheid van Montfoort heeft Waterbeheer (hierna: WB) een gemaalterrein (Willeskop 73C). Op dit terrein is een overbodige dienstwoning gesitueerd. De woning wordt momenteel antikraak bewoond. Het is niet wenselijk dat deze woning een woonbestemming krijgt. Dit is een natuurlijk moment om voor dit steunpunt niet langer voor huur te kiezen, maar te kiezen voor nieuwbouw op eigen terrein.
Met dit bestuursvoorstel wordt het algemeen bestuur gevraagd om een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen voor de nieuwbouw van een steunpunt voor MRB op dit gemaalterrein. Dit voorbereidingskrediet is nodig om de plannen verder te concretiseren. Dit krediet wordt gebruikt voor verdere planuitwerking, de vereiste onderzoeken (flora- en fauna, archeologie, sonderingen), het maken van een technisch ontwerp en het opstellen van een goed bestek. Na deze fase kunnen de realisatiekosten nauwkeurig worden geraamd. Op dat moment wordt het algemeen bestuur gevraagd om in te stemmen met de nieuwbouw en het uitvoeringskrediet beschikbaar te stellen.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
Het algemeen bestuur besluit in te stemmen met het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van € 500.000 voor de nieuwbouw van een onderkomen voor de afdeling Muskusrattenbeheer op de locatie Willeskop 73C nabij Montfoort.
-
4Besluitvormend deel
-
4.1Vaststellen financiële bandbreedte SAS
-
4.2Renovatie sluis Kamerik Teylingens
-
4.3Voorbereidingskrediet bedrijfsgebouw MRB de Pleyt
-
5Verslagen
-
5.1
Bijlagen
-
5.2
Bijlagen
-
5.3
Bijlagen
-
6Mededelingen
-
7Ingekomen stukken
-
8Rondvraag
-
9Sluiting